Jaap Mekel, werkzaam als wolvenconsulent voor de provincie Drenthe en oprichter van het bedrijf Mekelogisch Beheer, is eigenaar van de pony’s die gelden als een van de laatste ondersoorten van het wilde paard. De pony is vernoemd naar het heuvelachtige gebied Exmoor in het zuidwesten van Engeland, waar ze nog steeds in grote aantallen voorkomen in wild levende kuddes met natuurlijk gedrag. Net als het przewalskipaard heeft de exmoorpony een ander DNA dan tamme paardenrassen. Daarom vertonen beide rassen nog steeds opvallend ‘wilde’ trekjes. Zo zijn de dieren ongevoelig voor paardenziektes en kunnen ze erg goed tegen de kou: ze kunnen zich prima redden tijdens strenge winters, zonder beschutting en extra voedsel. Dat maakt hen ideaal om het hele jaar zelfstandig te leven in natuurgebieden en daar natuurlijk wild gedrag te vertonen. De exmoor is een vrij kleine pony, gemiddeld 120 cm hoog. Ze zijn lichtbruin tot donkerbruin van kleur en hebben lichtgrijze ringen rond de ogen. Rondom de mond en de neusgaten hebben de pony’s een grijsbruine kleur. In vakjargon wordt dit een ‘meelsnuit’ genoemd, omdat het net lijkt alsof ze hun mond in een bak met meel hebben gestoken. Exmoorpony’s staan bekend om vriendelijk, betrouwbaar, levenslustig en intelligent te zijn, en ook dat ze te temmen zijn. Ze worden daarom vaak gebruikt om te leren paardrijden. Bron: het Flevo-landschap.
Sinds de jaren negentig van de vorige eeuw wordt de exmoorpony op beperkte schaal in Nederlandse natuurgebieden gehouden, zoals in de Maashorst, Natuurpark Lelystad en dus ook op het Aekingerzand. Hoewel de kuddes verspreid over Nederland met dezelfde reden worden ingezet in hetzelfde soort landschap, is er toch een groot verschil in de manier waarop de exmoorpony’s gehouden en behouden moeten worden. Op het Drentse Aekingerzand leven namelijk wolven. In Drenthe zijn de afgelopen jaren naast schapen ook runderen en paarden, met name jonge of kwetsbare dieren, door wolven aangevallen of gedood. Jaap Mekel, in 2022 door de Vlinderstichting uitgeroepen tot Bovenste Beste Bermbeheerder, gunde de pony’s een vrij en natuurlijk leven door ze zonder volledige wolfwerende omheining in een gebied van ongeveer zeshonderdvijftig hectare hun gang te laten gaan. Dat verliep niet zonder problemen, want sinds de kudde op het Aekingerzand wordt ingezet, zijn er ieder jaar veulens verdwenen of gedood door een wolf.
Dat bleef niet geheel onopgemerkt, want een groep van vijf paardenhouders uit het gebied rond het Drents-Friese Wold stapte al in 2024 naar de rechter omdat zij wilde dat de exmoorpony’s op het Aekingerzand zouden worden verwijderd. De paardenhouders waren van mening dat het welzijn van de dieren in het geding was. Zo zou de wolf kunnen leren dat paarden en pony’s een prooi zijn. Overigens wezen ze erop dat dierenhouders hun dieren moeten beschermen tegen roofdieren, ook al gaat het om ‘wilde’ paarden. “Bij een echt wild dier gelden de regels van de natuur, maar deze dieren hebben een eigenaar en worden ingezet als begrazers!” werd er geopperd.
Jaap Mekel deelde die benadering niet en was van mening dat het vrije leven van de exmoorpony’s op het Aekingerzand van grotere waarde was dan het verlies van af en toe een veulen. Bovendien wees hij op een richtlijn van BIJ12, de organisatie die namens de provincies wolvenzaken afhandelt, waarin exmoorpony’s die in sociale kuddes leven als preventieve maatregel tegen aanvallen worden beschouwd. De gedachte daarachter is dat de dieren steeds beter gaan begrijpen hoe zij samen sterk staan tegenover de wolf.
De kritiek en aanmerkingen op zijn werkwijze hielden niet op. Een stichting die zich sterk maakt tegen misstanden in het beheer van publieke terreinen, natuurgebieden en in het beheer van flora en fauna, diende in april van het vorige jaar een handhavingsverzoek in bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, de NVWA. Deze nam in de zomer erna een kijkje op de percelen waar de paarden stonden en concludeerde dat de dieren volgens haar onvoldoende beschermd stonden. Volgens de NVWA had de dierenhouder onvoldoende maatregelen getroffen om de exmoorpony’s te beschermen en was daardoor sprake van een overtreding. Omdat het voor hem de eerste keer was, bleef het bij een officiële waarschuwing en werd hem opgedragen om herstelmaatregelen te treffen. Wel kreeg hij enkele maanden de tijd om aan te tonen dat het leven in een kudde werkt tegen aanvallen. De dierenhouder wees erop dat er weliswaar veulens waren verdwenen, maar dat de volwassen pony’s en enkele veulens nog wel leefden.
Zolang aanvullende wolfwerende maatregelen uitbleven en het natuurlijke kuddegedrag centraal bleef staan, gingen de wolven in Drenthe ondertussen ook gewoon door met hun natuurlijke drang naar de jacht op voedsel. Er verdwenen begin dit jaar maar liefst zes van de negen veulens. Mekel heeft ergens een punt dat hij de dieren ‘speelruimte’ geeft, vrijheid in hun doen en laten en zelfs vrijheid in partnerkeuze. Maar de wolven in Drenthe zijn ook niet van gisteren. In een wetenschappelijk onderzoek van de Universiteit Leiden, gericht op het voedingspatroon van wolven, kwam naar voren dat de wolven in Drenthe een hoog aandeel aan natuurrunderen in hun dieet hadden. In Drenthe geldt een zogenaamd nulstandbeleid voor het edelhert, het damhert en het wild zwijn. Dat betekent dat deze dieren daar niet of nauwelijks voorkomen. Het onderzoek wijst erop dat veel van de gegeten runderen afkomstig zijn uit kuddes die worden ingezet voor natuurbeheer, zoals vrij grazende kuddes in natuurgebieden. Deze dieren hebben lange tijd zonder roofdieren geleefd en zijn daardoor, vooral de kalveren, kwetsbaar.
De NVWA eiste van hem dat hij voor 1 juni met een evaluatie en een verbeterplan kwam. Jaap Mekel heeft de toezichthouder laten weten dat hij de dieren wil laten overnachten in een nachtweide van vijftien hectare die geheel omheind is met een wolfwerend raster. De veulens blijven daarin tot ze ongeveer twee weken oud zijn. Hij vindt dat ze op die leeftijd genoeg weerstand hebben om de wolf te kunnen weren. Wanneer de nachtweide er komt, is nog niet duidelijk. In ieder geval voordat de eerste veulens worden geboren, en dat kan aan het einde van dit jaar of begin volgend jaar. Maar er zitten nog meer haken en ogen aan. Of de nachtweide er komt, hangt ook af van de subsidie waarmee het bekostigd moet worden.
En wat is de rol van Staatsbosbeheer, de opdrachtgever, die in de hele zaak tot nu toe weinig zichtbaar is gebleven? En wat voor uitwerking heeft de uitspraak van Jaap Mekel in een korte video over wolfwerende rasters, waarin hij vertelde dat deze rasters niet altijd werken? Die uitspraak roept vragen op, juist omdat een wolvenconsulent als taak heeft om dierenhouders te adviseren over de aanschaf en het gebruik van wolfwerende rasters.
Tot dusver is er voor de kudde op het unieke Aekingerzand, waar de tijd al eeuwen lijkt stil te staan en waar de heidevogels dankzij de grazers een plekje hebben gevonden, nog weinig zichtbaar veranderd. De exmoorpony’s lopen er nog steeds in alle vrijheid rond, samen in een kudde, en af en toe in het gezelschap van een wolf. Het is afwachten wat er de komende tijd gaat gebeuren.
Wordt vervolgd...