Copyrights Brams roedel 2025: Ramon van Bentum
Copyrights Brams roedel 2025: Ramon van Bentum
‘𝗪𝗼𝗹𝘃𝗲𝗻𝗽𝗮𝗿𝗸’ 𝗶𝗻 𝗢𝗱𝗼𝗼𝗿𝗻
𝐎𝐦 𝐞𝐞𝐧 𝐠𝐨𝐞𝐝𝐞 𝐢𝐧𝐝𝐫𝐮𝐤 𝐯𝐚𝐧 𝐞𝐞𝐧 𝐛𝐞𝐩𝐚𝐚𝐥𝐝𝐞 𝐠𝐞𝐛𝐞𝐮𝐫𝐭𝐞𝐧𝐢𝐬 𝐭𝐞 𝐤𝐫𝐢𝐣𝐠𝐞𝐧, 𝐤𝐮𝐧 𝐣𝐞 𝐝𝐢𝐞 𝐡𝐞𝐭 𝐛𝐞𝐬𝐭𝐞 𝐯𝐚𝐧 𝐦𝐞𝐞𝐫𝐝𝐞𝐫𝐞 𝐤𝐚𝐧𝐭𝐞𝐧 𝐛𝐞𝐤𝐢𝐣𝐤𝐞𝐧. 𝐀𝐥𝐥𝐞𝐞𝐧 𝐦𝐚𝐚𝐫 𝐮𝐢𝐭𝐠𝐚𝐚𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐞́𝐞́𝐧 𝐞𝐧𝐤𝐞𝐥𝐞 𝐛𝐞𝐫𝐢𝐜𝐡𝐭𝐠𝐞𝐯𝐢𝐧𝐠, 𝐝𝐢𝐞 𝐛𝐢𝐣𝐯𝐨𝐨𝐫𝐛𝐞𝐞𝐥𝐝 𝐝𝐨𝐨𝐫 𝐝𝐞 𝐥𝐨𝐜𝐚𝐥𝐞 𝐨𝐟 𝐥𝐚𝐧𝐝𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤𝐞 𝐦𝐞𝐝𝐢𝐚 𝐰𝐨𝐫𝐝𝐭 𝐯𝐞𝐫𝐬𝐩𝐫𝐞𝐢𝐝, 𝐠𝐞𝐞𝐟𝐭 𝐯𝐚𝐚𝐤 𝐞𝐞𝐧 𝐞𝐞𝐧𝐳𝐢𝐣𝐝𝐢𝐠 𝐨𝐟 𝐦𝐨𝐠𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤 𝐳𝐞𝐥𝐟𝐬 𝐞𝐞𝐧 𝐯𝐞𝐫𝐭𝐞𝐤𝐞𝐧𝐝 𝐛𝐞𝐞𝐥𝐝 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐡𝐞𝐥𝐞 𝐠𝐞𝐛𝐞𝐮𝐫𝐞𝐧. 𝐙𝐞𝐥𝐟 𝐨𝐩 𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐳𝐨𝐞𝐤 𝐮𝐢𝐭𝐠𝐚𝐚𝐧 𝐝𝐨𝐨𝐫 𝐭𝐞𝐫 𝐩𝐥𝐞𝐤𝐤𝐞 𝐭𝐞 𝐠𝐚𝐚𝐧 𝐤𝐢𝐣𝐤𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐝𝐞 𝐯𝐞𝐫𝐡𝐚𝐥𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐨𝐦𝐬𝐭𝐚𝐧𝐝𝐞𝐫𝐬 𝐚𝐚𝐧 𝐭𝐞 𝐡𝐨𝐫𝐞𝐧, 𝐳𝐨𝐚𝐥𝐬 𝐞𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐨𝐧𝐳𝐞 𝐰𝐨𝐥𝐯𝐞𝐧𝐰𝐚𝐜𝐡𝐭𝐞𝐫𝐬 𝐝𝐞𝐞𝐝 𝐢𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐒𝐜𝐡𝐚𝐩𝐞𝐧𝐩𝐚𝐫𝐤 𝐯𝐥𝐚𝐤 𝐛𝐢𝐣 𝐡𝐞𝐭 𝐃𝐫𝐞𝐧𝐭𝐬𝐞 𝐎𝐝𝐨𝐨𝐫𝐧 𝐰𝐚𝐚𝐫 𝐞𝐞𝐧 𝐩𝐨𝐧𝐲 𝐯𝐞𝐫𝐦𝐨𝐞𝐝𝐞𝐥𝐢𝐣𝐤 𝐰𝐞𝐫𝐝 𝐠𝐞𝐝𝐨𝐨𝐝 𝐝𝐨𝐨𝐫 𝐞𝐞𝐧 𝐰𝐨𝐥𝐟, 𝐥𝐞𝐯𝐞𝐫𝐭 𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐚𝐥 𝐞𝐞𝐧 𝐛𝐞𝐭𝐞𝐫𝐞 𝐰𝐞𝐞𝐫𝐠𝐚𝐯𝐞 𝐨𝐩.
𝐷𝑜𝑜𝑟 𝐻𝑎𝑛𝑠 𝑣𝑎𝑛 𝑑𝑒 𝑃𝑜𝑙, 𝑐𝑜𝑜̈𝑟𝑑𝑖𝑛𝑎𝑡𝑜𝑟 𝑊𝑊𝐿 𝑊𝑜𝑙𝑓𝑤𝑒𝑟𝑒𝑛𝑑𝑒 𝑟𝑎𝑠𝑡𝑒𝑟𝑠, 𝑊𝑊𝐿 𝑊𝑜𝑙𝑣𝑒𝑛𝑤𝑎𝑐ℎ𝑡𝑒𝑟 𝑒𝑛 𝑊𝑊𝐿 𝑎𝑢𝑡𝑒𝑢𝑟, 14 𝑚𝑒𝑖 2026
In een regionaal dagblad verscheen onlangs het bericht dat een van de twee oude pony’s, de dertigjarige merrie Tinka die al decennialang tussen de schapen in het park verbleef, door medewerkers van de schaapherder dood en opengereten in het veld werd gevonden. 'Gemold door een wolf, gruwelijk verminkt’ en 'het lijkt hier wel een wolvenpark in plaats van een schapenpark', waren de eerste opvallende uitspraken in het bericht. Er werd daarin onder andere nog vermeld dat aanvallen op paarden en pony’s vaker in het nieuws zijn en dat er jaarlijks tientallen ten prooi zouden vallen aan de wolf. Uit angst voor een nieuwe aanval, en gezien zijn kwetsbaarheid, werd er voor de andere pony naar een nieuw adres gezocht.
Twee dagen na het voorval in het Schapenpark in Odoorn is een van de wolvenwachters er een kijkje gaan nemen. Vanaf de weg kon ze via het bos zo een omheinde wei in lopen. Die omheining was niet wolfwerend: te laag en er stond geen stroom op, constateerde ze. Na een tijdje lopen, kwam ze bij de schapen die in dat grote natuurgebied liepen. Daar zag ze een beter omheind stuk (nachtkraal) dat er beter wolfwerend uitzag, al wist ze niet of er stroom op stond. De poort ervan stond open, dus de schapen konden erin en eruit. In die nachtkraal stond ook een pony, de enige die na de aanval was overgebleven, vermoedde ze.
Even later sprak ze met een man die er regelmatig fietste. Hij vertelde haar dat hij onlangs, in dat grote, omheinde gebied, een wolf op zo’n vijftig meter afstand had gezien waar op dat moment de schapen en de pony’s liepen. Hij zei dat de pony’s zich altijd tussen de schapen bevonden, maar hij wist niet dat er eentje gedood was. Als de nacht viel, gingen de schapen de nachtkraal in, zei hij verder. En hij dacht dat de pony’s altijd bij de schapen bleven, ook in de nachtelijke uren. Maar gezien de berichten over de aanval blijkt dat de laatste pony nu pas in de nachtkraal is gezet en daarvoor altijd erbuiten verbleef. Nu stond hij wel in de nachtkraal, met de poort open, zodat de schapen erin en eruit konden, evenals de wolven.
De man ging verder en vertelde dat er maar een van de twintig boswachters die in dat gebied actief zijn een wolf had gezien. Ze nam afscheid van hem en terwijl ze daar wandelde, zag ze een busje van de boswachter heel langzaam patrouilleren over de weg die overduidelijk de schapen in de gaten hield. Tijdens haar wandeling had ze geen wolvensporen gezien, geen pootafdrukken, geen drollen, niets. Ze hoorden wel de raven, maar die waren verderop in het bos. Terug aangekomen bij de weg, vlak bij het theehuis, zag ze een groen stuk zeil liggen waar iets onder lag. Ze zag de hoefjes er nog onderuit steken, waardoor ze zeker wist dat het de dode pony was, klaar om opgehaald te worden.
Het bericht in het regionale dagblad over de gedode pony wekte de indruk dat er toch regelmatig wolven in dat gebied aanwezig waren en die zich ook in de buurt van de schapen bevonden, ondanks dat er door omstanders en boswachters zelden een wolf werd gezien. Dat er toch een aanval plaatsvond, is niet zo verwonderlijk vanwege de nauwelijks beschermende buitenste omheining. Bovendien was de pony, vanwege zijn leeftijd en het feit dat hij geen bescherming had van een grotere kudde paarden, erg kwetsbaar en zodoende een makkelijke prooi. De wolf kreeg ruimschoots de gelegenheid om toe te slaan, want er werd hem geen strobreed in de weg gelegd. En dit is maar een van de vele gevallen waarvan men wist dat het zou gaan gebeuren maar te laat of geen maatregelen nam om het te voorkomen. In plaats van adequaat te handelen, wordt vaak de media opgezocht waar men de handen in onschuld wast en met een opgeblazen verhaal de schuld van het onnodige leed onder landbouwdieren toeschrijft aan de wolf.
De wolvenwachter is later nog een terug geweest en zag dat de overgebleven pony in de goed beschermde nachtkraal stond. Ze had wel de indruk dat er nu goed voor de pony werd gezorgd: er was voldoende ruimte in de kraal en er stonden ook drinkbakken met schoon drinkwater. Helaas kwam deze zorg voor de andere pony te laat door niet tijdig het aanwezige gevaar te herkennen. Nalatigheid, onachtzaamheid en onbedachtzaamheid zijn jammer genoeg karakteristieke eigenschappen van mensen; eigenschappen die bovendien ten grondslag liggen aan het gezegde 'als het kalf verdronken is, dempt men de put' evenals de uitdrukking 'de leugen regeert', wat aangeeft dat de eigen tekortkomingen met behulp van de media worden verdoezeld. De natuur is bikkelhard, met haar eigen regels en wetten en is voortdurend aan veranderingen onderhevig. Mensen die in de natuur dieren houden zullen daar in mee moeten gaan, zullen zich geregeld aan moeten passen en vooral de natuur respecteren. Want alleen dat zorgt voor verbondenheid en voorkomt onnodig dierenleed.