Copyrights Bram:
Copyrights Bram:
Wolvenschade 2025
Wat zeggen de cijfers, gepubliceerd door BIJ12, over wolfwerende bescherming bij uitgekeerde schade?
Door Hans van de Pol, Coördinator WWL Wolfwerende rasters, WWL Wolvenwachter en WWL Auteur.
Mensen die bedrijfsmatig of hobbymatig landbouwhuisdieren houden, zoals schapen, geiten, paarden en pony, runderen, alpaca’s en damherten, en daarbij schade oplopen die veroorzaakt is door een wolf, of vermoedelijk door een wolf, komen in aanmerking voor een taxatie en een tegemoetkoming. Ook kuddebeschermingshonden en hoedhonden worden hierin meegenomen, vanwege hun relatie tot het kuddebeheer en wolfwerende inzet. BIJ12, de overheidsinstelling die namens de gezamenlijke provincies de monitoring van de Nederlandse wolvenpopulatie coördineert en de wolvenschade op vee uitvoert, heeft de cijfers publiceerd over de uitgekeerde schade aan deze landbouwhuisdieren van 2025 die veroorzaakt is door wolven.
De cijfers
In 2025 is er in 1.026 tegemoetkomingen in totaal 1.551.602,00 euro uitgekeerd aan veeschade. Van dat bedrag werd 87,73%, wat neerkomt op 1.362.063,81 euro aan dierenhouders uitgekeerd die geen preventieve maatregelen hadden genomen om hun dieren te beschermen, zoals beschreven in de adviesnorm. Aan dierenhouder die wel een inspanning hadden geleverd, of een poging hadden gedaan om hun dieren te beschermen, maar waar toch één of meerdere gebreken waren geconstateerd, werd 3,73%, oftewel 57.850,20 euro uitgekeerd. De groep waarvan de preventieve maatregelen wel voldeed aan de adviesnorm, nam 8,54%, 132,649,64 euro, van het totale bedrag in beslag.
Wolvenplan 2025
In paragraaf 1.1.5 tegemoetkoming in schade van het Wolvenplan 2025, wordt vermeld dat dierhouders wettelijk verantwoordelijk zijn voor het nemen van preventieve maatregelen om hun dieren te beschermen tegen mogelijke roofdieren. De algemene regel is dat wanneer schade redelijkerwijs te voorkomen is, een tegemoetkoming in de schade niet voor de hand ligt. Het Wolvenplan 2025 voorziet in de voorwaardelijkheid en afbouw van tegemoetkoming in schade waarvoor geen preventieve maatregelen zijn genomen.
In paragraaf 2.4.2 wordt daar nog verder op ingegaan. Een voorbeeld is dat provincies wolvengebieden kunnen begrenzen waarbinnen preventieve maatregelen vereist worden om voor een tegemoetkoming in de schade in aanmerking te komen. Een wolvenleefgebied is een gebied waarbinnen zich wolven bevinden. Dit zullen doorgaans gevestigde wolven zijn, het leefgebied zal doorgaans het territorium en de omgeving daarvan omvatten en het zal ook duidelijk zijn dat hier een verhoogd risico op veeschade te verwachten is. Om die reden kan provinciaal besloten worden een gebied te begrenzen waarbinnen de voorwaarde gaat gelden op het nemen van preventieve maatregelen, voordat men in aanmerking komt voor een tegemoetkoming. Hierop is uitzondering mogelijk voor situaties waarin deze preventieve maatregelen redelijkerwijs niet uitvoerbaar zijn. Indien er binnen de begrensde gebieden géén of onvoldoende preventieve maatregelen aanwezig zijn, zal geen veldbezoek worden uitgevoerd ten behoeve van taxatie en schadeafhandeling. Immers wordt er dan geen tegemoetkoming uitbetaald. In bijzondere gevallen is het mogelijk om hiervan af te wijken en toch een veldbezoek te doen.
Conclusie
In 2025 is een groot percentage, 91,46%, van het totale bedrag uitgekeerd aan dierenhouders die geen preventieve maatregelen hadden genomen om hun dieren te beschermen tegen de wolf, of die daartoe wel een poging hadden ondernomen, maar die niet in zijn geheel voldeden aan de adviesnorm.
Destijds hebben provincies voor een tijdelijk beleid gekozen om dierhouders te laten wennen aan de terugkeer van wolven in Nederland, en tijd te geven zich daarop voor te bereiden en te schakelen. Inmiddels hebben meerdere wolvenroedels zich gevestigd in Nederland en zijn zowel dierhouders als bestuurders en uitvoerders nu vele ervaringen rijker. In die context is het nieuwe Wolvenplan tot stand gekomen en achten provincies het passend dat de beleidsregels voor een tegemoetkoming in wolvenschade meebewegen met de ontwikkelingen van het wolvendossier.
Dit betekent dat in bepaalde gevallen voortaan preventieve maatregelen worden vereist van dierhouders om in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming.
(Bron: BIJ12, Wolvenplan 2025)