Copyright Bram: Sjaak Hoogendoorn
Copyright Bram: Sjaak Hoogendoorn
De stem van de natuur
Een wolf loopt twijfelend over straat, in een park, door een woonwijk, of komt pardoes in iemands achtertuin terecht. De staart tussen de achterpoten, schichtig om zich heen kijkend, verdwaald, niet wetend waar hij is. En uiteindelijk kiest hij het hazenpad, weg uit die vreemde, enge omgeving. In een bepaalde tijd van het jaar is dit haast een normale gang van zaken geworden.
Door Hans van de Pol, Coördinator WWL Wolfwerende rasters, WWL Wolvenwachter en WWL Auteur.
Voor de jonge wolven die in hun eerste of tweede levensjaar de roedel verlaten op zoek naar een eigen leefgebied, is het in een dichtbevolkt land met een versnipperde natuur moeilijk om zich onzichtbaar te verplaatsen. Mensen die zo’n jonge wolf in hun woongebied zien, reageren wisselend. Sommigen weten wat ze moeten doen, begrijpen de situatie. Ze blijven rustig en geven de wolf de ruimte om een uitweg in de voor hem ‘wonderlijke wildernis’ te vinden. Anderen zien het anders. Voor hen is zijn aanwezigheid een groot gevaar, iets wat niet te accepteren is. Uit verontwaardiging vloeken en tieren ze er soms flink op los, filmen en achtervolgen het dier dat volledig in paniek is tot het achter de ‘coulissen’ verdwijnt, weg van het toneel waar het nooit de hoofdrol heeft willen spelen. Bij het accepteren of het niet willen dulden dat in het wild levende dieren zich wel eens stuklopen op het mensenimperium, komt één belangrijke vraag naar voren: hebben we nog verbinding met de natuur?
Op die vraag kan stellig geantwoord worden met: nee, dat hebben we niet! Althans, sommigen wel en anderen weer niet. Maar gemiddeld genomen is onze binding met de natuur op zijn zachts gezegd wat magertjes. Wat dat betreft bungelt Nederland ver onderaan op de lijst van landen waar de bevolking zich verbonden voelt met de natuur. Iets wat in de westerse uithoek van de wereld niet vreemd is. Economische en eigen belangen krijgen op alles voorrang. Nochtans houden we van de natuur, we voelen ons er goed in en we willen het beschermen en zien groeien, maar niet ten koste van ons welzijn of als het uitdraait op een inkrimping van onze multiculturele samenleving. Dat gaat net iets te ver. Het fabuleuze idee dat we door verbinding te zoeken met de natuur uit onze uitgedijde comfortzone zullen worden gerukt, is een uitgesproken reden om daar voorlopig maar van af te zien!
Dat onze harmonieuze verstandhouding met de natuur te wensen overlaat, blijkt uit het feit dat er nog steeds lustig op los wordt gejaagd op alles wat dier is en de flora en fauna op alle fronten wordt beheerd. De natuur komt op het tweede plan, of zelfs nog lager. Zij heeft niet de hoogste prioriteit, want die heeft de mens zichzelf toegeschreven. Wilde dieren mogen zich nochtans vrijelijk bewegen, maar wel binnen de aangegeven grenzen, én zolang de populatie niet groter is dan wat bepaald is door de mens. Maar zodra ze overlast bezorgen, de economie schaden, een gevaar voor de samenleving of de infrastructuur vormen, wordt alles in het werk gesteld om ze systematisch 'op te ruimen'. Buiten dat kunnen we ontzettend genieten van de dieren die in de Nederlandse natuur voorkomen, zolang ze maar lieflijk, klein of teder zijn, zich niet laten zien, geen gevaar voor ons opleveren, maar bovenal geen angst bij ons inboezemen. Over bepaalde diersoorten, zoals de wolf, hebben sprookjesschrijvers, predikanten en filmmakers door de eeuwen heen een onrealistisch denkbeeld gevormd dat zo in onze genen is vastgekoekt dat het nauwelijks uit te bannen is. Daardoor hebben veel mensen angst ontwikkeld, soms terecht, maar veelal is die angst ontstaan omdat we geen kennis meer hebben over deze dieren. Kennis die er wel zou zijn als we veel meer binding met de natuur zouden hebben.
We begrijpen de natuur niet meer. We snappen haar niet, of willen haar niet snappen. En toch was er ooit een tijd dat we luisterden naar de stem van de natuur en we meedeinden op de golven van haar harmonieuze gezang. De natuur was ons huis, ons thuis, de dieren onze reisgenoten op aarde. De natuur was ook bikkelhard en onverbiddelijk, maar heerste met liefde en toewijding over alles wat ze voortbracht. We leerden van haar alle wijsheden die we nodig hadden, zoals een moeder de wijze levenslessen aan haar kind overbracht. Maar deze levenswijze, deze manier van bestaan hield geen stand. De mens nam plots een enorme evolutionaire tijdsprong door de eeuwen heen, waarbij het de natuur ontsteeg en bij de landing ver naast zijn geboortegrond landde. Althans, hij vond dat hij zich niet meer aan de ongeschreven wetten en regels van de natuur hoefde te houden, zich niet meer als onderdeel ervan hoefde te beschouwen en dat alleen hij mocht heersen over wat er voor zijn voeten lag. Het is een omgekeerde wereld, alsof een onwetend kind regeert over zijn ouders.
De stem van de natuur; we hoeven niet met zevenmijlslaarzen aan onze voeten terug te snellen naar de tijd toen we vol overgave alles deden wat ze ons vertelde. We maken al een grote inhaalslag als we stap voor stap de belangrijkste begrippen toepassen die de schakels vormen om verbinding te maken: liefde, begrip, delen en accepteren! Meer ‘wapens’ zijn er niet nodig.
Afbeelding: naar het idee van Nathalie Jager.